Lente(kriebels) op een balkon

Ik heb een aantal jaren geleden in/op een flat gewoond. Dat was een flat waar vooral alleenstaanden woonden. Vooral veel ouderen. Veel oudere vrouwen. Nou ja, eigenlijk gewoon oude vrouwen. Alleen maar oude vrouwen. En ik dan dus, als jonge snaak! Nou maakte mij dat niet uit, al die bejaarden, want wel zo lekker rustig. Maar ook: die woning was wel zo vreselijk ruim! Ik zou wel gek zijn zo’n huis te weigeren, vanwege al het aanpalend grijs. Nee, dat nam ik wel op de koop toe (het was overigens een huurhuis).
Nu woonde er op die flat ook een dame die psychisch behoorlijk gestoord was, dat zag je
aan haar gelaat en aan haar hele doen en laten. A-typisch gedrag, zeg maar. Ik vond het altijd een beetje griezelige dame en was blij als ze op de galerij voorbij was, zonder dat ze naar me had lopen zwaaien, met messen!

“Prakkie!!, wat zeg je nou?”
Nou ja, zoiets lees je toch wel eens…

Door al die bejaarde buren had ik met die andere bewoners dus niet zo gek veel contact, dat laat zich raden. Beschaafd en vriendelijk zeiden we over en weer gedag En een dokter op de galerij is natuurlijk altijd handig zullen ze wel gedacht hebben. En nog een jonge dokter ook!

Nu wil het geval dat ik op een lente-achtige dag als vandaag op mijn balkon plantjes stond te poten in grote kuipen en daarvoor ook tuinaarde nodig had. Dus zak tuinaarde leeggestort in een kuip, lege zak naast me neergegooid, viooltjes met strijkstok en al in de grond gezet en begieten maar. O ja en Afrikaantjes, want die deden het op een tochtig balkon altijd prima. De balkons waren van elkaar gescheiden door in metalen frame gevatte glazen wanden, met van dat gewapend glas. Wel licht, maar geen doorkijk, van dat werk. En niet tot op de bodem, maar nog een centimeter of dertig boven het beton. Nu wil het geval dat op een goed moment de wind vat krijgt op zo’n lege zak van de tuinaarde en voor ik het
goed en wel in de gaten heb doet de wind een van die zakken onder de glazen tussenwanden door waaien, op weg naar mijn buren! Ai. En het ergste was nog dat ik niet precies zag waar die tuinaardezak stil hield of stil zou houden. Bij wie lag hij nu op het balkon? Bij een van die oude dames? Of bij die gestoorde vrouw?
In die tijd was ik nog wel zo beschaafd en gewetensvol dat ik al vlot besefte dat ik dit
niet maar zo voorbij kon laten waaien, doen alsof mijn neus bloedde. Nee. Ik zou ergens moeten aanbellen en het verhaal doen. Ik zag de verbazing al op de gezichten. Vast een smoes, zouden ze denken. Zoals je ook nog wel eens iemand voor de deur kan hebben voor een koppie suiker! Jaja, zelden zo’n ka-smoes gehoord, zouden ze denken. En nee, die uitdrukking is geen toeval. Want daar gaat het dan toch veelal om?

Ik stond nog zacht vloekend op mijn balkon boos te wezen over zoveel pech en ondertussen
de moed bij elkaar te verzamelen om aan te bellen bij een van de belendende percelen. Ik
ging op de grond liggen, keek onder de glazen wanden door en probeerde in te schatten
waar de zak lag: twee huizen verder. Tenminste, als de wind geen roet in het eten zou
gooien (merkwaardige uitdrukking in dit kader, maar vooruit). Want ja, sta je aan te
bellen bij huis 1, waait ie vrolijk verder naar huis 2 of 3. Of weer terug! Ik zag me al
die hele middag medebewoners lastig vallen, niemand mij geloven en ik toch maar keurig
opgevoed proberen mijn rommel op te ruimen. Wilde dit geen eindeloos verhaal worden, dan was krachtdadig handelen nu geboden! Ik trok mijn stoute schoenen aan en belde aan bij de tweede woning links van mij. Voor zover ik wist ook bewoond door een oudere dame. Gelukkig niet bij die mevrouw met die bestekbak van een deur verder! Maar hoe dan ook ik stond daar nog in het ongewisse hoe de betreffende zou reageren…
Om de spanning maar niet verder op te voeren: dat viel mee. De dame geloofde mij direct – en anders wist ze haar ongeloof meesterlijk te verbergen – en zo togen wij richting
haar balkon, waar de plasticzak net op het punt stond naar het volgende balkon te schuiven, die van de psychotische dame! Maar een mijner stoute schoenen – de linker – voorkwam dat. Gelukkig!

Ik denk terugblikkend ook dat we zo over haar te spreken kwamen. Dat ik zoiets zei als: “blij dat ie bij u op het balkon ligt en niet bij uw buurvrouw” (ik moet opeens
ontzettend denken aan het boek De Aanslag!), “ want die mevrouw kan ik niet zo plaatsen”. Of woorden van gelijke strekking.
Waarop die oudere dame de historische woorden sprak (en daarmee wat mij betreft het ultiemste eufemisme!): “ja, die mevrouw is een beetje in de war”. Dat je weet dat iemand volkomen mesjogge is, maar dan zeg je: ja, die mevrouw is een beetje in de war. Geweldig!
Deze klassieker is jaren bron geweest van grote vreugde in mijn leven. Nòg kan ik me er
suf om lachen, en dat terwijl een en ander zich ver voor de oorlog heeft afgespeeld! Dat dan weer wel. Prachtig!

Daar moest ik aan denken, kuierend en mijmerend over mijn zonovergoten landgoed, waar een wegwaaiende lege zak van potgrond nu nog geen vlieg kwaad zou doen. Tja, dat waren nog eens tijden.

Advertenties

Over Prakkie

Prakkie is een niet onverdienstelijke hobby-kok (ahum), met een brede belangstelling ook voor onderwerpen buiten het koken. Mijn vriend is het fornuis en de avonturen die we samen meemaken, daarover bericht ik.
Dit bericht werd geplaatst in 1. Vers! De nieuwe berichten, 5. FEBO, een automatiek met verhalen, gedichten en gedachten en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

9 reacties op Lente(kriebels) op een balkon

  1. Maldeau zegt:

    Hoi Prakkie,

    Leuk stukkie over je balkonromantiek met hoogbejaarden! 😉

    Maar wat een misselijkmakende foto van dat flatgebouw. Ik word er beroerd van als ik er lang naar kijk. De foto door de wringer gehaald?

    Groet!

  2. Prakkie zegt:

    Hoi Maldeau,

    De foto is niet gemanipuleerd hoor. Het is het ontwerp van de flat dat er zo uitziet. Geintje van de architect. Daar hebben die jongens bij tijd en wijlen een handje van. Soms ook met ontwerpgrappen en -grollen die ronduit spuuglelijk zijn. En die architect maar lachen! Want das allemaal opzet hè!

    Sterkte er maar mee! Ter ere aan jou, je eigen plekkie op Prakkies blog: Maldeau’s World!

  3. Pingback: Maldeau’s World | Prakkie

  4. Catrice zegt:

    Inderdaad een beetje gek design, maar is wel weer eens wat anders. Ik woon zelf nu ook op een balkon, waarbij de afscheiding eigenlijk maar de helft van het balkon bedekt. Nu heb ik zelf twee katten en die zijn in het begin nog wel eens naar de buren gelopen, zo naar binnen! Ook niet zo handig natuurlijk. Gelukkig konden mijn buren er de grap wel van inzien.

    • Prakkie zegt:

      Dag Catrice,

      Dank voor je reactie!
      Wonen op een flat… Het roept bij mij goede herinneringen op.
      De constructie op jouw balkon is zeker bijzonder. Dan moet je het ook goed met je buurtjes kunnen vinden. En hopen dat ze geen pitbull hebben 😦

      Groet,
      Prakkie

  5. Karin zegt:

    Wat een leuk verhaal haha! Ik heb afgelopen week ook mijn balkon opgeleukt maar dan met vloertegels. Ook een leuke aanrader en die zullen niet zo snel weg vliegen ;)!

    • Prakkie zegt:

      Dag Karin,

      Dank voor je reactie en compliment!
      Ja, veel meegemaakt op de flat. Het was een leuke tijd.
      Ik ben benieuwd naar de kleur van de tegels die je hebt uitgezocht…

      Groet,
      Prakkie

  6. Jannie zegt:

    Wat je al niet mee kunt maken op zo’n flatje tussen de bejaarden haha:p Ik zie het helemaal voor me. Ik ben blij dat mijn balkonvloer gewoon lekker ver van de buren af zit. Geen last van overwaaiende zakken of dieren (die zullen waarschijnlijk lopen in plaats van waaien).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s